Gehoorproblemen kunnen te maken hebben met slechthorendheid, doofheid en auditieve verwerkingsproblemen bij kinderen en volwassenen. 
Bij slechthorendheid kun je de spraak nog redelijk verstaan. 
Bij doofheid is het verstaan van spraak niet meer mogelijk.
Bij auditieve verwerkingsproblemen is het gehoor goed, maar geeft de verwerking van de spraak problemen.

Op deze pagina staat informatie over problemen die met gehoor te maken hebben.

Gehoor is een belangrijk element in het proces van communiceren. Wanneer het gehoor niet optimaal werkt, zijn er andere instrumenten nodig om toch goed te kunnen communiceren. Dit vraagt om aandacht en aanpassing van zowel de niet/slechthorende als de horende.
Voor de communicatie is het belangrijk dat het gehoor in orde is. Je moet:

    • Horen wat een ander zegt. Wat je zelf zegt moet worden gehoord om goed te kunnen spreken (bijvoorbeeld als voorwaarde voor articulatietraining).
    • Als je niet (meer) kunt horen, dan is het belangrijk om te leren hoe je moet liplezen (spraakafzien) of hoe (ondersteunende) gebarentaal te gebruiken.
    • Goed kunnen luisteren: aandacht en concentratie zijn hierbij belangrijk.
    • Op het gehoor klanken kunnen herkennen en weten welke letter bij welke klank hoort, wat voorwaarden zijn voor het leren lezen.
    • Het komt voor dat je wel hoort wat iemand zegt, maar het niet begrijpt: dit is een stoornis in het taalbegrip.